Veelgestelde vragen

De meest voorkomende flowchartsymbolen zijn het processymbool (rechthoek), het start-/eindesymbool (ovaal), het besluitsymbool (ruit), het input-/outputsymbool (parallellogram) en de connectorsymbolen (pijlen en cirkels).

Een rechthoek, ook bekend als het processymbool, staat voor een proces, actie of functie en is het meest gebruikte symbool in flowcharts.

De ruit, ook wel het besluitsymbool genoemd, staat voor een vraag die beantwoord moet worden, doorgaans met ja/nee of waar/niet waar, waarbij de flowchart kan vertakken, afhankelijk van het antwoord.

De ovaal, ook wel het eindsymbool genoemd, vormt de begin- en eindpunten en mogelijke uitkomsten van een pad. Vaak staat het woord 'Start' of 'Einde' in de vorm.

Het documentsymbool staat specifiek voor input of output van een document (zoals rapporten of e-mails) en het input-/outputsymbool staat voor alle gegevens die beschikbaar zijn voor input of output en voor gebruikte of gegenereerde bronnen.

Gebruik het connectorsymbool om afzonderlijke elementen op één pagina met elkaar te verbinden in complexe diagrammen, of gebruik het off-page connectorsymbool om elementen op meerdere pagina's met elkaar te verbinden.

Hoewel er standaarden voor het gebruik van symbolen bestaan, kun je symbolen gebruiken op een manier die logisch is voor je publiek, zolang je ze maar consequent gebruikt zodat lezers je betekenis begrijpen.

Het symbool voor handmatige invoer staat voor het handmatig invoeren van gegevens in een veld of stap in een proces, meestal via een toetsenbord of apparaat, zoals het invoeren van gegevens in een aanmeldproces.

Alles wat je nodig hebt om een diagram te maken

Naast onze online diagrammaker biedt Lucidchart ondersteuning en trainingsmateriaal om je te helpen bij het maken van elk type diagram.

Bekijk trainingslabs